This website uses cookies. By continuing to use this website you are giving consent to cookies being used. For information on cookies and how you can disable them visit our Privacy Policy.

De Pro-Test Beweging

Voordat sommige producten op de winkelvloer van je plaatselijke fietsenwinkel verschijnen, worden ze uitvoerig getest door de beste testpersonen die je maar kunt voorstellen: professionele atleten. Ontdek hoe hun feedback leidt tot betere producten voor ons allemaal.

De professionele wielrenner is een indrukwekkend en majestueus wezen, in staat tot ongelooflijke prestaties. Daarnaast gebruiken we ze soms als proefkonijn voor onze fietsen. Dat is helemaal niet erg. Hun feedback – en hun soms vreemde verzoeken – met betrekking tot onze fietsen en uitrusting zijn van onschatbare waarde voor onze producten. Of het nu gaat om het testen van onze banden door een ploeg zoals Etixx-Quick Step, of een jaar met Boels-Dolmans renster Evelyn Stevens werken aan de ontwikkeling van het S-Works Power zadel, het testen van Specialized producten door profrenners leidt tot innovaties en verbeteringen die alle rijders ten goede komen.

ONVOORSTELBAAR

Wij gewone stervelingen kunnen ons niet voorstellen dat we genoeg vermogen leveren om tijdens de pedaalslag de hiel van je voet uit de schoen te trekken. Voor Alberto Contador was dit echter een reëel probleem.

“Het is interessant om dingen met rijders te bespreken die je zelf nooit kan ervaren,” vertelt Rob Cook, Design Director of Footwear bij Specialized, terugblikkend op het moment dat Contador voor het eerst de wens uitte voor een betere pasvorm van de hiel van zijn schoenen. “Je vraagt jezelf af: hoe krijg je het voor elkaar om je hiel uit je fietsschoen te trekken?’ In het begin begrijp je het niet echt.”

In dit geval leidde het verzoek van een professioneel atleet tot een consistentere pasvorm van de hiel in de nieuwe S-Works 6 en Sub 6 raceschoenen.

Dit scenario – waarin een profrenner een wijziging aanvraagt voor een bepaalde behoefte – gebeurt bij alle disciplines en alle producten. Of het nu gaat om de pasvorm van een schoen of de grip van een band op een bepaald oppervlakte, onze atleten komen altijd met nieuwe manieren om onze producten verder te verbeteren. Het testen van nieuwe innovaties en materialen is hier een belangrijk onderdeel van.

“Als het op banden aankomt”, vertelt Wolf VormWalde, Director of Tires and Tubes, “hebben rijders soms speciale verzoeken. Als het mountain team bijvoorbeeld bij hun volgende wedstrijd met een bepaald type terrein te maken krijgt, praten we met rijders als Aaron Gwin, Anneke Beerten en Curtis Keene over de banden, en vragen we waar ze precies naar op zoek zijn. Vervolgens gaan we met deze informatie aan de slag, en vertalen we hun wensen in productspecificaties, zoals nieuwe profielen voor mountainbikebanden of andere rubbercompounds voor wegbanden. Vervolgens gaan we de samples met de atleten testen. Als dat allemaal goed gaat, kunnen ze die banden meteen gebruiken.”

Het testen met atleten beperkt zich niet enkel tot specifieke verzoeken van rijders. Productontwikkelaars willen soms nieuwe technologieën en materialen testen om feedback van de profs te verzamelen. Deze testsessies zijn doorgaans iets… mysterieuzer. Om goede, onbevooroordeelde feedback te krijgen, moet je soms wat trucjes uithalen.

Tijdens een test vertellen we de atleet niet wat elke band verschillend maakt. Zo lieten we een paar maanden geleden de mountainbikers een paar keer een bepaald parcours afleggen, steeds met verschillende banden.

Wolf VormWalde, Director of Tires and Tubes

“Tijdens een test vertellen we de atleet niet wat elke band verschillend maakt,” aldus VormWalde. “Zo lieten we een paar maanden geleden de mountainbikers een paar keer een bepaald parcours afleggen, steeds met verschillende banden. Wij weten dat de eerste band zachter zou moeten zijn op bepaalde ondergronden, dat de tweede band net wat stugger is en de derde band nog stugger is, maar wel stabieler is bij hogere snelheden. Dit vertellen we de atleten echter niet van tevoren – we moeten erachter komen of hun feedback overeenkomt met wat wij denken dat er met de banden gebeurd.” Maar hoe houd je een atleet in het ongewis?

“Om de banden uit elkaar te houden, schrijven we soms nummers op de zijkant, en soms gebruiken we stipjes,” legt hij uit. “Maar deze markeringen kunnen soms ook voor problemen zorgen, omdat rijders soms erg…” hij pauzeert even en zoekt naar het juiste woord. ���Ze kunnen bijvoorbeeld zeggen: ‘Ik heb een band met het nummer twee erop getest. Ik wil de band met nummer twee hebben.’ Vervolgens krijgen ze een nieuw sample en zien ze dat daar geen twee op staat. Maar dat was er gewoon met de hand opgeschreven tijdens het testen.”

De feedback is een mix van de ervaring van de rijder en harde data, afhankelijk van de discipline.

���Bij het mountainbiken,” zegt VormWalde, “veranderen het parcours en de omstandigheden zo veel, dat het lastig is om een test in nummers uit drukken. Hier gaat het dus meer om ‘gevoel’. Op de weg krijgen we juist veel feedback van onze technische mensen na testen op de wielerbaan. Ze komen met cijfers over rolweerstand en vermogen. Ze kunnen vergelijken hoeveel seconden een bepaalde band-wielcombinatie aan tijdwinst oplevert.”

“De wielerteams delen wel hun ervaringen met betrekking tot rijeigenschappen. Wat dat betreft is het net als bij het mountainbiken.”

Eén ding wordt snel duidelijk als je met Rob en Wolf praat – professionele atleten zijn een klasse apart. Zij komen problemen en omstandigheden tegen die zo extreem zijn, dat fouten in producten snel zichtbaar worden. Bovendien zijn ze, zoals Wolf zegt, ‘super fit’ – een groot voordeel als je iemand vraagt om een bepaald parcours keer op keer af te leggen.

“Christopher Sauser?��� zegt hij. ���Hij kan zonder problemen de hele dag een testparcours van twee kilometer afleggen zonder moe te worden.”

De prinses op de erwt

Profrenster Evelyn Stevens zal ruiterlijk toegeven dat ze wellicht een beetje de reputatie heeft van de prinses op de erwt. Maar juist deze eigenschap – haar gevoeligheid voor een zadel dat net niet ‘klopt’ – maakte haar de perfecte kandidaat om samen met het zadelteam het S-Works Power zadel te ontwikkelen.

“Als er iets niet klopt, dan laat ik dat altijd weten,” vertelt Evelyn. “Ik was op zoek naar een zadel waarmee ik een agressieve positie kan aanhouden, maar wel met voldoende comfort.”

Evie’s bijdrage aan het zadelteam begon met het Sitero zadel. Haar feedback met betrekking tot het vinden van de juiste positie op dit zadel leidde uiteindelijk tot ontwikkeling van een nieuw zadel waarmee de rijder meer ‘power’ kan leveren.

Nick Gosseen, het toenmalige hoofd van zadelontwikkeling, looft het feit dat Evie altijd uitgebreid de tijd nam om de prototype zadels te testen. “Ze probeerde de zadels een week of een maand uit en gaf ons vervolgens feedback. Ze weet redelijk snel waar ze naar op zoek is, en weet dit bovendien altijd goed te verwoorden.” Het aanpassen van de zadels na elke feedbackronde heeft soms iets weg van een McGuyver aflevering, maar deze snelle aanpassingen maken het wel makkelijker om steeds nieuwe versies te testen totdat je het perfecte zadel hebt gemaakt.

“In het begin sneden we bestaande zadels open om de vorm te veranderen,” vertelt Gosseen. “We gebruikten letterlijk stanleymessen en epoxy om onze testzadels in elkaar te zetten.”

“We ontwikkelden twee of drie zadels waarmee we met Evie verschillende dingen konden testen. Eén zadel gebruikten we om de optimale neuslengte te bepalen; een ander zadel gebruikte we om de foamdichtheid en de vorm van de achterkant te testen. Op deze manier kregen we al snel een idee welke kant we met ons Power zadel op wilden gaan. Uiteindelijk hadden we een versie die zo goed beviel, dat ze er fulltime mee ging rijden.

Ik heb een hoop vreemde dingen getest. Gelukkig maak ik mij niet zo druk hoe cool ik eruitzie.

Evelyn Stevens, Boels-Dolmans Cycling Team

Deze vroege prototypes waren niet altijd moeders mooiste, iets dat zeker van toepassing was op het uiteindelijke prototype waar Evie meer rondreed.

“Het was echt een bijeengeraapt geval,” zegt Gosseen met een blik op zijn gezicht die zich het best laat beschrijven als mix van afgrijzen en plezier. “Dat ding zag eruit alsof iemand ‘m in zijn achtertuin in elkaar had gedraaid.”

De uiteindelijke productieversie van het S-Works Power zadel is gelukkig een stuk mooier. Als bedankje aan Evie voor al haar waardevolle feedback heeft een team een speciale uitvoering van het Power zadel voor haar gemaakt.

“Rood is voor mij de kleur van kracht,” zegt Evie terwijl ze naar het zadel kijkt. “Wees sterk en krachtig als je op de fiets stapt, dat lijkt het te zeggen.” Hoe was het om onderdeel te zijn van testproces?

“Omdat we wedstrijden rijden, veel trainen en goed naar onze lichamen luisteren, denk ik dat we doorgaans waardevolle feedback kunnen geven. Uiteindelijk levert dit niet alleen voor ons betere producten op, maar ook voor de rijder die misschien maar een paar keer per week fietst.”

STUK

Sommige van onze testrobots in het Test Lab van het Specialized hoofdkantoor in Morgan Hill, Californië, zijn zulke grote fans van professionele atleten, dat ze hun hele leven aan hen hebben gespiegeld. Hun toewijding om het echte leven in een gecontroleerde testomgeving na te bootsen, is ook goed nieuws voor jou. Uiteindelijk leidt het tot veiligere fietsen.

Wanneer je het Test Lab binnenloopt, wordt je verwelkomt door een ritmisch gezoem en geklik van allerlei machines. Elk apparaat heeft zijn eigen specifieke taak, die keer op keer met machinale regelmaat wordt uitgevoerd. Krachten waaraan de fiets in het echte leven worden blootgesteld, worden hier op een gecontroleerde manier gesimuleerd. “Neem deze machine bijvoorbeeld,” zegt Santiago Morales, Test Lab Manager. “Deze machine roept constant ‘Rem! Rem! Rem’, terwijl deze onophoudend ‘Trap! Trap! Trap!’ roept, allemaal met de intensiteit van een volle sprint.”

De ruimte staat vol met dit soort robots, waarmee allerlei zaken worden getest, van frames tot aan wielen. Eén machine simuleert een wiel dat tegen een obstakel knalt, terwijl een ander apparaat een keiharde landing nabootst. Ook remprestaties worden getest, met een apparaat dat een ellenlange en razendsnelle afdaling simuleert. Extreme gevallen, maar om deze tests op te zetten, moet je eerst begrijpen wat erbuiten op de trails of op de weg gebeurd. Dat is waar labtesten en reallife testen met atleten samenkomen.

���Het eerste dat je moet weten,” vertelt Morales, “is dat er internationale veiligheidsstandaarden zijn waar elke fiets aan moet voldoen. De meesten van deze standaarden zijn echter verouderd en te beperkt. Voor mountainbikes is bijvoorbeeld maar één standaard, maar een cross-country fiets is natuurlijk aan andere krachten onderhevig dan een downhill fiets. Als je zo’n downhill fiets volgens de minimale veiligheidseisen test, schiet je dus tekort. Daarom investeren we in onze eigen standaarden en tests voor de specifieke omstandigheden waar onze fietsen voor bedoeld zijn.

“Daarvoor roepen we de hulp van de atleten in. We verzamelen data bij hen en kunnen dan bijvoorbeeld zien welke krachten er op een frame worden uitgeoefend. Eén van de manieren om dit te meten is met een aantal ‘rekstroken’, een type elektronische krachtmeters. Aan de hand hiervan kun je vervolgens een test ontwikkelen waarbij deze krachten worden nagebootst.

In het laboratorium hangt nog een ‘rekstrook fiets’ aan de muur. “Sagan heeft hierop gereden,” zegt hij als hij de met sensoren volgeplakte zilvergrijze fiets aanwijst. “Elke sensor meet hoeveel een bepaalde buis tijdens het fietsen uitrekt, waarmee je vervolgens de uitgeoefende krachten kunt berekenen. Wanneer je een atleet op zo���n fiets laat rijden, kun je meten hoe de fiets reageert op zijn of haar rijstijl. We verzamelen al deze data en kunnen hier vervolgens onze testprotocollen op baseren.”

Terwijl Morales aan het praten is, roept iemand plotseling: ‘Breaking!’ Iedereen bedekt zijn oren terwijl een mountainbike frame bezwijkt aan de ‘zadelbuis, maximale sterkte’-test. Je zou kunnen zeggen dat producten hier komen om te sterven, waarbij elke afgeronde test wordt afgestreept met een paraaf. Hij raapt een stuk van een Roval wiel op, waar de woorden ‘remhitte, maximaal’ op staan geschreven.

“We maken hier een hoop kapot,” lacht Morales. “En dat is geen grap.”

Professionele atleten kennen veel gezichten. Sommigen zien ze als helden, als bedwingers van epische bergritten, onbevreesde dalers die veel te steile afdalingen bedwingen. Maar het draait niet alleen om podiums en champagnedouches. Doordat ze open staan om dingen te proberen die hen beter kunnen maken, spelen ze een belangrijke rol in de ontwikkeling van nieuwe producten. Ze helpen fietsen en uitrusting sneller, veiliger en beter te maken. Uiteindelijk draait het voor ons allemaal maar om één ding: de ultieme rit.